_MG_74801
_MG_74801

6 tips van 5 vol-houders

‘Wat is er nou handiger dan een piketapp?’, dachten vijf recherchekundigen in Oost-Nederland en lanceerden najaar 2014 hun innovatieplan. Maar hoezeer collega’s dat ook toejuichten, de deuren binnen de organisatie leken gesloten te blijven. Toch is-ie er nu: de eerste piketapp voor de Nederlandse Recherche. Dankzij een studiebeurs van De Hark Voorbij en een lange adem.

Tekst: Teus Lebbing

Een primeur bij eenheid Oost in juli: als eerste in Nederland, mochten de zeshonderd rechercheurs Ipads in ontvangst nemen met daarop @ppsporing. Met deze piketapp beschikken zij altijd en overal over de juiste informatie; kunnen zij een logboek maken, documenten en telefoonnummers raadplegen en notities mailen naar hun werkplek.

Nooit meer zeulen met tassen vol protocollen en wetboeken dus. Of handmatig logboeken en checklists bij te werken. Welke rechercheur in piketdienst wil dat nou niet?

Recherchekundigen Jeroen Hammer, Arjanne Klein Ikkink, Rodick Weideveld, Audrey Bulsink en Joris de Jonge zagen de behoefte en ontwikkelden hun verbeterplan. Maar tot hun verbazing stuitte dat ook op weerstand: te duur, te ingewikkeld, te ver van het bed van de organisatie. Rodick: ‘Je wilt niet weten hoe vaak we gehoord hebben dat het niets zou worden met ons idee. Snelle vernieuwing is niet vanzelfsprekend bij de politie. Technisch niet, maar ook hiërarchisch.’

Toch hebben zij volgehouden. Hoe je dat doet? Dit zijn hun lessen:

  1. Deel je idee en zoek gelijkgestemden Overtuigd dat hij met de piketapp de kwaliteit binnen Opsporing kon verbeteren, ging Jeroen anderhalf jaar geleden met zijn idee de boer op. Zo wist hij zijn chefs en diverse collega’s te overtuigen middels presentaties en ontmoette hij in zijn zoektocht gelijkgestemde recherchekundigen die met eenzelfde initiatief bezig waren: Arjanne, Rodick, Audrey en Joris.
  1. Betrek de werkvloer erbij Met de projectgroep die zij in Oost-Nederland besloten te vormen, organiseerden zij brainstormsessies met collega’s en ontwikkelden – met steun van een studiebeurs van De Hark Voorbij – een demo en een filmpje om te laten zien wat de app in de praktijk kan toevoegen. Jeroen: ‘Het bijzondere aan dit traject is dat het echt van onderaf is begonnen, vanuit een behoefte van de werkvloer; soms voelden we ons echt Robin Hood, die strijdt voor het algemeen belang. Telkens stonden er weer nieuwe mensen op die zeiden: hee, dit is iets van en voor ons. Daar willen we graag aan bijdragen.’

DIT IS ECHT VAN ONDERAF BEGONNEN, VANUIT EEN BEHOEFTE VAN DE WERKVLOER. SOMS VOELDEN WIJ ONS ECHT ROBIN HOOD”

  1. Vind ambassadeurs hoger in de boom Omzeil cynici en blijf zoeken naar de juiste mensen en wegen, benadrukken Arjanne, Audrey en Joris: ‘Daar zijn goede argumenten en voorbeelden voor nodig. En enthousiasme.’ Zo wisten de projectleden support te regelen van diensthoofd Eenheidsstaf Harry Duijts en districtchef José Rooijers. Die wilden hun netwerk en kennis inzetten om ook hoger in de boom de wegen vrij te maken, bijvoorbeeld door lijntjes te leggen met het PDC of de IM-organisatie. De cirkel van ambassadeurs werd daarmee steeds groter, en vorig jaar mei volgde een nieuw spannend moment: de projectgroep kreeg spreektijd kreeg bij de eenheidsleiding, die al net zo enthousiast reageerde als collega’s op de werkvloer, vanwege de oplossingsgerichte aanpak. Daarop viel het besluit om in Oost de piket-app te ontwikkelen, die de vijf districtsrecherches en Zeden vanaf deze maand op hun nieuw verworven Ipads zullen gaan testen. Jeroen: ‘En het mooie is: de app is zelfs genoemd in het voortgangsrapport over de recherche dat deze maand aan de Tweede Kamer is gestuurd, als antwoord op het kritische rapport van Van der Steur van mei.’
  1. Heb een lange adem… Ligt daarmee de weg open naar een landelijke uitrol, in samenwerking met het MEOS-programma (mobiel effectief op straat)? Die ambitie van de projectgroep leek aanvankelijk een brug te ver. Rodick: ‘Wij dachten bij de ontwikkeling van de app mooi gelijk op te trekken en namen daarover contact op met de MEOS-collega’s. Maar die zagen samenwerking in eerste instantie niet als hun belang. Dat was wel even slikken; het leek ons zo logisch om de krachten te bundelen. Op eigen houtje zijn we uiteindelijk verder gegaan; hebben de app technisch mogelijk gemaakt en ‘m samen met de districtsrecherches gevuld met alle benodigde informatie. Ook hebben we binnen de afdelingen verantwoordelijken gevonden en begeleid die de backoffice voor hun rekening willen nemen. Want dát is natuurlijk ons doel: dat de piketapp van hen zelf wordt.’

ZIJ ZAGEN SAMENWERKING IN EERSTE INSTANTIE NIET ALS HUN BELANG. DAT WAS WEL EVEN SLIKKEN; HET LEEK ONS ZO LOGISCH OM DE KRACHTEN TE BUNDELEN”

  1. …ga vooral door De eerste reacties zijn buitengewoon positief. ‘Tot doelgroepen buiten de recherche aan toe’, constateert Rodick. ‘Die zien de app ook zitten.’ Met als klap op de vuurpijl: de collega’s van MEOS. ‘Van de aanvankelijk afhoudende opstelling is geen sprake meer. Ze zien nu wat @ppsporing doet en dat er ook landelijk behoefte aan is. In het voorjaar waren we al overeengekomen dat we onze bevindingen met MEOS zullen delen. Maar na de lancering hebben ze zelfs aangegeven dat ze de succesvolle elementen willen opnemen in een landelijke app, die er – zoals het er nu uitziet – volgend jaar gaat komen.’
  1. En ken geen scrupules Van klein verbeterinitiatief tot landelijke uitrol: zo kan het kennelijk gaan als je onverstoorbaar doorzet en geloof hebt in je plan. Jeroen, tot slot: ‘Gisteren kwamen we Erik Akerboom tegen tijdens een bijeenkomst. Ook hem heb ik de @ppsporing in zijn handen gedrukt. Echt, wat dat betreft kennen we geen scrupules. Dit is een vernieuwing die er gewoon moest komen voor de werkvloer.’